Meng het bloem, volkorenbloem en zout door elkaar
Roer de gist en suiker door het handwarme water of de melk
Voeg het gistmengsel toe aan het deeg
Kneed dit heel goed door elkaar. Blijf zo’n 10 minuten kneden. Hierdoor maak je de gist goed “wakker”!
Doe het deeg in een kom en dek het af met een schone theedoek. Laat het afgedekt op een warme en tochvrije plek rijzen. Dit duurt 1 uur.
Wanneer het rijzen klaar is, leg je het deeg op een met bloem bestoven werkblad en kneed je het nogmaals goed door.
Maak van het deeg een vorm van een draak, of maak meerdere kleine draakjes. De stekels kun je maken door het deeg bovenop in te knippen zoals je op de foto ziet.
Voeg als laatste nog wat rozijntjes toe. Die kunnen de ogen of misschien wel de tenen worden!Leg de theedoek weer over je draak en laat 15 minuten rusten. Bestrijk na het rusten je draak (of draakjes) met een beetje geklutst ei.
Doe de draak in een voorverwarmde oven van 200-225 graden (boven en onderwarmte). Bak hem goudbruin in zo’n 30 minuten. Je kunt controleren of hij gaar is door op de onderkant te tikken. Klinkt dat hol? Dan is hij gaar!